Management Team interviewde Blyde, Auping en het onlangs gecertificeerde WeTransfer over waarom we B Corp werden. Je leest het hele interview hieronder:

Wat hebben een hip pr-bureau, een 100-jaar oude beddenfabrikant en een snelgroeiend techbedrijf gemeen? Ze geloven allen in ‘business as a force for good’. Het drietal behaalde de illustere B Corp-certificering: ‘We hebben hier keihard voor moeten knokken.’

Het opereert mondiaal, maar heeft zijn wortels in Amsterdam. De van oorsprong Nederlandse file sharingdienst WeTransfer heeft nog steeds het hoofdkantoor in onze hoofdstad, maar kan zich wat groeicijfers betreft meten met menig bedrijf uit Silicon Valley. Waar WeTransfer in verschilt, is zijn missie. Terwijl bedrijven aan de Amerikaanse westkust hun succes afmeten aan groei en megawinsten, heeft WeTransfer bewust gekozen voor de B Corp-certificering, waarbij het bedrijf zich formeel vastlegt op een serieuze bijdrage voor mens en milieu.

De keuze was volgens de van oorsprong Britse CEO Gordon Willoughby snel gemaakt. In gesprek met MT vertelt hij: ‘In ons tienjarig bestaan hebben we ons altijd ingezet voor een hoger doel dan zoveel mogelijk omzet. Vanaf de start hebben we bijvoorbeeld 30% van de advertentieruimte weggegeven aan maatschappelijke initiatieven zoals gun control en netneutraliteit. Tegelijk geloven we in het gedachtegoed People Planet én Profit, we willen geen NGO worden. De stap naar B Corp voelde in dat opzicht heel natuurlijk.’

Wat is een B Corp

De B Corp-beweging ontstond in 2006 in Amerika en is nu ruim vijf jaar actief in Nederland. De bedrijven die de strenge selectie doorlopen, voldoen aan de hoogste normen voor sociaal ondernemerschap en duurzaamheid. Een B Corp dient zich ten positieve in te zetten voor het milieu en zijn medewerkers, door kritisch te kijken of klanten bijdragen aan een beter wereld, door zelf een bijdrage te leveren aan locale gemeenschappen en door strikte richtlijnen te volgen voor een transparant en verantwoordelijk bestuur.

Hubertine Roessingh staat als directeur aan het roer van B Corp in de Benelux: ‘We hadden ons in 2015 als doel gesteld om in vijf jaar tijd 1000 bedrijven in Europa aan te sluiten. Dat zijn er 800 geworden, dus we zijn hard op weg. In Nederland zijn dat er zo’n 100, waaronder Tony’s Chocolonely, Snappcar en Dopper. Ook zitten er hier een aantal grote organisaties in de pijplijn, maar daar kunnen we in het certificeringsproces niks over kwijt. In Amerika hebben zich onder meer Ben & Jerry’s, kledingmerk Patagonia en de Noord-Amerikaanse tak van Danone zich aan de missie van B Corp gecommitteerd. Wereldwijd hebben meer dan 3300 bedrijven zich aangesloten.”

Certificering

Wie zich als bedrijf wil certificeren als B Corp kan gebruik maken van de gratis assessment tool, die je vragen stelt over de bedrijfsvoering en hoe je progressie meetbaar maakt. WeTransfer-ceo Willoughby: ‘We hadden het idee dat we goed bezig waren, maar kwamen er ook achter dat een groot deel van onze impact niet kwantificeerbaar was. Wij hebben samen met de Carbon Neutral Group gekeken hoe we die met cijfers konden hard maken. Dat gaat van het waterverbruik in de toiletten, de zakelijke kilometers van medewerkers tot het energieverbruik van de servers die we gebruiken bij Amazon Web Services. Bovendien weet je dat de hercertificering over drie jaar nog zwaarder zal zijn, je blijft continu bezig met de impact van je beslissingen op mens en milieu.’

Ook matras- en beddenfabrikant Koninklijke Auping uit Deventer besloot voor het B Corp-label te gaan: ‘Te midden van alle greenwashing en miscommunicatie rondom duurzaamheid en sociale prestaties waren we op zoek naar objectieve verificatie over hoe we daadwerkelijk presteren op het gebied van stakeholder-kwesties als milieu, werknemers, sociale issues binnen onze toeleveringsketen en governance. In die zoektocht zijn we bij B Corp uitgekomen omdat dit de meest uitgebreide en intensieve certificering is die je kunt krijgen’, zegt Ine Stultjens, die eindverantwoordelijk is voor marketing en communicatie bij Auping.

‘Het traject heeft ons zeker vier maanden gekost. Het aantal te beantwoorden vragen hangt af van hoe je die vragen beantwoordt. In ons geval hebben we er 293 doorgenomen. Het verschil tussen wat je daadwerkelijk doet en wat je dénkt dat je doet, en in welk mate je dat kunt je kunt documenteren, meten en controleren, bleek een uitdaging te zijn. Maar als maakbedrijf voelen we een nadrukkelijke verantwoordelijkheid om de wereld voor toekomstige generaties leefbaar, gezond en veilig te houden. We willen af van de wegwerpmaatschappij en streven naar ernaar om in 2030 al onze producten circulair te hebben.’

Lees ook: Hoe Koninklijke Auping in vijf weken tijd nu ook miljoenen medische mondkapjes maakt

Maakbedrijf

Volgens Roessingh is het voor een maakbedrijf als Auping niet moeilijker om de certificering te krijgen dan voor zakelijke dienstverleners. ‘Sterker nog: andersom zou wel eens het geval kunnen zijn. Dertig procent van de accreditatie gaat over je ‘business impact model’ en hoe dat bijdraagt aan een betere wereld. Zeventig procent over de operatie: je medewerkers, klanten en je ecologische voetafdruk. Bij het leveren van bedden of matrassen kun je aantonen dat je gebruiktmaakt van duurzame materialen of actief bezig bent met upcycling. Bij een dienst is dat lastiger hard te maken, dan wordt er gekeken naar je klantportfolio en de projecten die je doet: hoe dragen die bij aan een grotere missie? Geen eenvoudige klus.’

Oprichter van pr-bureau Blyde Benelux, Nynke Geus – van den Broek (foto: links), onderschrijft dit laatste: ‘We hebben in het proces veel discussie gehad met de auditors welke klanten of projecten wel of niet zouden meetellen. In eerste instantie zouden dat enkel andere B. Corps kunnen zijn. Daar waren we het niet mee eens. Zo hadden we een project voor het verbeteren van de biodiversiteit. Waarom zou dat niet bijdragen aan een betere wereld? Daar zijn ze uiteindelijk in meegegaan. Het proces doorlopen is even leerzaam als intensief. We hebben een kwartaal lang drie ochtenden in de week besteed aan het verzamelen van bewijslast voor de certificering. Bijna hadden we het afgeblazen, maar ons gevoel was zo sterk: dit móeten we gewoon doen. Dat geloof heeft ons erdoorheen gesleept.’

Verankeren

Wat B Corp van andere sociale of duurzame labels onderscheidt, is enerzijds het oog voor impact and profit dat volgens de beweging hand in hand gaat, maar ook de juridische stappen die een bedrijf moet nemen: ‘Om het label B Corp te mogen dragen, is het noodzakelijk om de statuten van het bedrijf te wijzigen. Je moet je duurzame missie in de kern van je bedrijf verankeren, om te voorkomen dat met de komst van nieuwe bestuurders een andere koers wordt gekozen. Het zorgt ervoor dat bedrijven afhaken, Die zouden theoretisch een B Corp kunnen worden, maar de aandeelhouders willen het dan niet formeel vastleggen’, aldus Roessingh.

Lees ook: Zo word je een B Corp – 4 Nederlandse ondernemers delen hun lessen (via Sprout)

Bij WeTransfer was het overtuigen van de aandeelhouders een fluitje van een cent: ‘Ze begrepen ons uitgangspunt en waren direct bereid om commitment af te geven om het proces te ondersteunen. Om de daad bij woord te voegen, hebben we direct een nieuw lid toegevoegd aan de raad van toezicht: Martha Lane Fox. Zij heeft veel ervaring in de tech-industrie en in het samenwerken met overheden. Ook onze statuten zijn gewijzigd, waardoor we nu meerdere stakeholders hebben om rekening mee te houden: medewerkers, gebruikers en communities. De bestaande eigenaren vond dat niet meer dan logisch: you have to walk the talk.’

Keuzes

Voor pr-bureau Blyde betekent het B Corp-label dat het nog scherpere keuzes moet maken: ‘We waren daar al mee bezig, zo willen we geen campagnes draaien voor bijvoorbeeld de kansspelbranche – waar verslaving een risico kan zijn. Het afgelopen jaar hebben we ook besloten om afscheid te nemen van een bestaande klant met serieuze omzet. We waren een match qua team, maar niet qua visie op de rol die een merk naar ons inziens zou moeten innemen. Of het in coronatijd lastiger is om dergelijke beslissingen te maken? Voor ons niet, ik geloof erin dat lastige keuzes je bedrijf uiteindelijk meer zullen brengen. Wel kan je als ondernemer je tijd maar één keer investeren. De certificering kost in dat opzicht tijd die je ook in bedrijfsgroei had kunnen stoppen. De keuze die je daarin moet maken is: ben ik er als bedrijf louter om financieel te groeien of ben ik er om een betere wereld achter te laten?’

Ook WeTransfer heeft dergelijke beslissingen moeten nemen: ‘Ons businessmodel is tweeledig: abonnementen en advertenties. Wij moeten keuzes maken wie er wel en niet bij ons mag adverteren. De wapen- en tabaksindustrie uitsluiten is een eenvoudige keuze, net als oliehandelaren. Maar wat nou als een Shell of BP aanklopt voor een campagne over duurzame energie? Over die vraagstukken zal menige discussie worden gevoerd. Verder betalen we iets meer voor de inkoop van duurzame energie, maar dat wordt gecompenseerd doordat we geïnvesteerd hebben in de verduurzaming van ons kantoorgebouw. Onze groei zal mogelijk voor offers gaan zorgen: per 2025 moet onze carbon footprint met 30% verminderd zijn. Hoe harder we groeien, hoe lastiger dat immers te halen is. ‘

Profijt

Volgens B Lab-directeur Roessingh verschilt per bedrijf wat de certificering oplevert: ‘Wat we terugkrijgen is dat onze audit-tool veel handvaten biedt om het hele bedrijf mee te krijgen in de transitie naar een missiegedreven organisatie. Het sociale en duurzaamheidsvraagstuk ligt zo niet alleen bij de CSR-manager, maar is voelbaar door alle lagen. We hebben bovendien een zeer hechte internationale community. Eenmaal gecertificeerd heb je zo een andere CEO aan de lijn en kan er van alles ontstaan. Ook helpt het bij het vinden van nieuw talent, dat dikwijls op zoek is naar purpose driven companies. Ben je eenmaal een B Corp, dan vliegen de cv’s je om de oren, heb ik meermaals gehoord.’

Voor Blyde-oprichter Geus – van den Broek leverde B Corp-label naast een betrokken organisatie bovendien veel nieuwe klanten op: ‘We hebben diverse B Corps mogen aansluiten als klant, waaronder de Amerikaanse verzekeringsmaatschappij Lemonade, Snappcar, Moyee Coffee en Farm Brothers. Men weet direct dat je een gezamenlijke filosofie hebt.’ Bij WeTransfer zijn alle medewerkers nu bezig met sociale- en duurzaamheidsvraagstukken: ‘Van inkoop tot verkoop, iedereen heeft een duidelijke meetlat.’

Ine Stultjens van Auping: ‘We hebben nog geen volledig zicht op de omvang van de investeringen die het zijn en blijven van een B Corp vergt, maar we zijn er van overtuigd dat het elke euro waard is. We zien ondernemen namelijk als kracht voor het combineren van commerciële, sociale en duurzame doelen. Eigenlijk draaien we de wereld om: leveranciers worden klanten, klanten worden leverancier en concurrenten worden partners. Alleen dan kunnen we de wereld waarin we leven inruilen voor een betere.’

Bron: https://www.mt.nl/management/duurzaamheid/hoe-wetransfer-auping-en-pr-bureau-blyde-hun-sociale-missie-als-b-corp-kracht-bijzetten/590002